Claud in de wolken

Als het hoofd en het hart beste vriendjes worden.

"De ziel die schoonheid ziet, loopt soms alleen"

Deel III – Kadootjes van het Universum

Na een aantal maanden van leuke ontmoetingen, urenlange babbels, wandelingen, contact via sociale media én een prachtige vakantieweek achter de rug te hebben, verloor Angie alle interesse voor de ‘vriendschap’ die ze met Roze had opgebouwd. De zogenaamde diepe en close band die Roze en Kriesje hadden ontwikkeld was compleet afgegaan en nietig verklaard. Een beetje zoals een fietsband werd getroffen en stukging door een gemene spijker op de weg. Voor Angie was de slag geslagen en de vis gevangen. De duivelse plant die compleet met stekels en lelijke vruchten in volle bloei stond te pronken, verspreidde een onmenselijke zwavelachtige lijkengeur. Zoals stinkzwammen klaarstaan om te ontploffen, zo kwam Angie tot de conclusie dat Roze voor haar geen uitdaging meer vormde. Het groene monster in haar was nog lang niet verdwenen want nu manifesteerde het zich als ze bij Roze in de buurt kwam. Ze besloot daarom met stille trom uit Rozes leven te vertrekken.

Roze, die zich van geen kwaad bewust was, respecteerde de rust die Angie haar had gevraagd. Angie’s gezin verdiende de nodige aandacht en Roze gunde haar eveneens de broodnodige rust om tot zichzelf te komen. 

Maar één week rust werden er twee. Zonder enig berichtje, telefoontje of mailtje leek het alsof Angie in rook was opgegaan. Roze piekerde zich suf of zij misschien iets verkeerd had gedaan of gezegd tegenover Angie. Ze had er slapeloze nachten van en evenveel nachtmerries waarin Angie haar allerlei zaken verweet die godgeklaagd helemaal niet klopten. Of dat Angie iets ergs was overkomen en dat ze niet alleen Kriesje had verloren maar ook Angie zou kwijtraken. Wat was er gebeurd met de magische kring van de drie vriendinnen? Badend in het zweet werd Roze dan wakker en was haar man er gelukkig die haar steeds opnieuw kalmeerde en geruststelde. Het kwam wel goed…ooit.

Tot Roze op een middag het niet meer uithield en Angie opbelde. Bezorgd als ze was, werd Roze snel gerustgesteld dat alles prima in orde was met Angie. Enkel voelde zij plots een ijspriem haar hart doorboren toen Angie aangaf dat niets blijvend is in een mensenleven. Ook vriendschappen niet. Ze vergeleek het met een treinreis. Tijdens de rit kwamen er allerlei mensen in- en uitgestapt en sommigen bleven lang bij je zitten en anderen stapten al snel weer af. Zo had ze ook het idee dat de treinreis tussen hen nu ging stoppen. Roze was met complete stomheid geslagen. Ze kreeg geen fatsoenlijk woord meer over haar lippen omdat haar keel dichtzat en haar hart bevroor. Hoe was dit mogelijk? Hoe kon ze zomaar aan de kant gezet worden? Waarom? Angie vond dat ze hier geen uitleg voor diende te geven. Volgens haar moest niets verklaard of uitgelegd worden. Alles kwam zoals het kwam en was zoals het was. Einde verhaal. Voor Angie misschien. Voor Roze ontplofte er enkel een stinkzwam van pure walging. In de eerste plaats tegenover zichzelf. Hoe had ze dit alles kunnen laten gebeuren? Wat was er in hemelsnaam met haar ikje gebeurd? Met haar waarachtigheid in de zuivere vriendschap die ze met Kriesje had ontwikkeld? Hoe had ze zich zo kunnen laten manipuleren en haar zintuigen kunnen negeren? Waarom was ze Oost-Indisch (pot)doof geweest voor alle alarmerende noodsignalen die ze telkens compleet genegeerd had?

Uren en dagen huilde Roze om wat was en nooit meer in orde zou komen. Dat wist ze heel erg zeker. Ook niet toen haar man zonder haar medeweten op een middag bij een nietsvermoedende en compleet overrompelde Kriesje aanbelde. Rozes man die het niet meer kon opbrengen om zijn vrouw te zien lijden door het vriendschapsverdriet en die dus besloot om Kriesje op de hoogte te brengen.

Kriesje had zich in al die afgelopen maanden nog ellendiger en waardelozer gevoeld. In de allerdiepste put had ze gezeten die de twee fijne vriendinnen voor haar met een uiterste maar geslepen finesse hadden gegraven. Kriesje die ondertussen een rivier vol had gehuild, het had uitgeschreeuwd van onmacht, boos en over haar toeren was geweest door afgewezen te worden door twee harteloze ‘vriendinnen’. Kriesje liet Rozes man binnen.

Verbaasd over de plotselinge wending die Kriesje allerminst verwacht had, was ze later bereid om Roze te beluisteren nadat haar man was begonnen met de verdelging van de satanische plant.

Roze werd verteerd door schuldgevoelens tegenover Kriesje. Dankbaar dat ze samen met haar iets wilde gaan eten, vertelde Roze hoe ze zich een rad voor de ogen had laten draaien. Het enige wat Roze verlangde, was dat Kriesje kon beluisteren hoe alles in mekaar stak. Roze begreep heel goed dat ze haar vertrouwen kwijt was en daardoor niets meer met Roze te maken wilde hebben. Hoe pijnlijk ook, daar moest Roze mee leren leven. Kriesje reageerde echter verbazend positief. Het leek alsof zij de breuk al een plaats had kunnen geven. Alsof ze vrede had met de situatie zoals die geëvolueerd was. Het deed Roze deugd dat Kriesje er goed uitzag. Helder, fris en gelukkig. Roze kwam al snel te weten wat er in Kriesjes leven speelde: ze had een heel speciaal iemand leren kennen en scheen het langverwachte geluk gevonden te hebben. Roze was oprecht en euforisch blij voor Kriesje. Opgelucht ook. Haar hart juichte van plaatsvervangend geluk.

Anemone was op het juiste moment in Kriesjes leven verschenen. In de donkerste periode toen Kriesje absoluut geen uitweg meer zag en alle hoop op alles wat er in het leven te vinden was, verloren had, kwam Anemone op haar pad. De twee leken als puzzelstukjes bij mekaar te passen. Als peper en zout, als worteltjes en erwtjes, als de maan en de sterren, als yin en yang één geheel. Het universum had zich ermee bemoeid omdat de zwarte, donkere en moedeloze dagen lang genoeg hadden geduurd in Kriesjes leven. Omdat het ook zo hoorde te gebeuren dat de diepe, bijzondere en onverklaarbare band tussen Kriesje en Roze moest gelost worden om een nieuwe fase in te gaan. Vooral vanuit Kriesjes lotsbestemming. Roze leerde er uiteindelijk een pijnlijke maar essentiële les uit. Eind goed al goed?

Nog één keertje zou Roze samen met Kriesje en Anemone afspreken. Nog één keertje in de sfeer van weleer samen eten en samen praten. Samen? Samen is voorbij. Hetgeen wat ooit had bestaan tussen Roze en Kriesje is niet meer. Anemone is er des te meer. En werkelijk van harte gegund. Dat is toch ware liefde? Als je iemand iets toewenst en heel graag het meest waardevolle laat beleven zonder dat je in die wonderlijke, intieme energie wil en kan vertoeven. Omdat het simpelweg pijn doet. Omdat vergeven wel kan maar vergeten nooit. Omdat Roze geen deel meer uitmaakt van die aparte plaats in Kriesjes leven. Dat doet Anemone nu. En zij doet het des te beter en nog intenser want Kriesje en Anemone zijn levenspartners. Geliefden. Daar wil en kan Roze niet tussenkomen. Uit liefde. Roze zou altijd van Kriesje blijven houden. Altijd.

En daarom leefde iedereen nog lang en heel gelukkig”

EINDE